Logo Universiteit Utrecht

Science to Be

Dame knuffelt varken

Kweekvlees

De toekomstige kinderboerderij heeft een kweekvleesfabriekje

Door: Niels Tjoonk

“Je kunt de toekomst niet voorspellen, maar je kunt de toekomst wel uitvinden.”

Dennis Gabor, Nobelprijswinnaar in de natuurkunde, schreef dat ooit.

Kweekvleesonderzoeker Mark Post is (nog) geen Nobelprijswinnaar zoals Gabor. Maar met zijn onderzoeksteam van de Universiteit van Maastricht ontwikkelde hij wel de eerste kweekvleeshamburger. Het vlees kweekten ze in een laboratorium: er kwam geen slagersmes aan te pas. Anno 2020 is hij onderzoeksdirecteur van MosaMeat B.V., een Nederlands bedrijf dat het doel heeft om kweekvlees te ontwikkelen voor verkoop. Zover is het nu bijna, de ontwikkeling kan dit jaar klaar zijn. Daarna is alleen toestemming van de EU nodig om kweekvlees als voedingswaar te accepteren. Post neemt ons mee in de zijn visie voor een wereld vol kweekvlees, van vleeskweekfabriek tot restaurant.

Weinig kweekvleesvee

In de vleeskweektoekomst zie je weinig dieren in de stallen. “Als het al stallen genoemd mogen worden,” zegt Post. Want voor kweekvlees heb je veel minder dieren nodig dan voor vlees. Van dieren zoals koeien neem je met een naald kleine stukjes spierweefsel af, een zogeheten biopt. In dat weefsel zitten de stamcellen van de spier, speciale cellen die zich kunnen vermeerderen. Zoals een zaadje in de grond uit kan groeien tot een zonnebloem, kan een stamcel in het lab uitgroeien tot een stukje vlees. Dat heeft wel een limiet, maar je kunt op die manier uit een koe veel meer vlees halen dan door dier te slachten. Megastallen van duizenden koeien zijn er in de kweekvleesindustrie niet bij. Denk eerder aan een kleine kinderboerderij.

Kweekvleesonderzoeker Mark Post gelooft in een toekomst vol kweekvlees. Bron: Wikimedia/Sebastiaan ter Burg CC-BY 2.0

“Van alle diersoorten die stamcellen hebben, kun je kweekvlees maken.” Dat zijn in ieder geval alle vissen, vogels en zoogdieren. “Nu wordt er kweekvlees op experimentele schaal gemaakt van onder andere rund, varken, kip, schaap, eend, allerlei vissoorten, garnalen… en kangoeroe.” Veel technische beperkingen zijn er volgens Post niet. Het dier moet wel lekker zijn, natuurlijk. “Maar je kunt ook kweekvlees van bijvoorbeeld muizen maken voor kattenvoer. Dan is de smaak weer geen beperking.”

“Er is kweekvlees van onder andere rund, varken, kip, schaap, eend, allerlei vissoorten, garnalen… en kangoeroe.”

Kweekvlees maken van kippen en vissen is nog iets makkelijker. Hun stamcellen komen namelijk ook al voor in eieren of eitjes. Je hoeft bij kippen en vissen dus alleen maar de eieren te rapen. Aan kweekkipdijfiletjes en kweektonijnsalades komt dan bijna geen dier meer te pas.

Geen veetransport en koelwagens voor kweekvlees

De weg van de kweekvleesproducent naar consument kan heel kort zijn. Iedereen zou namelijk vlees kunnen kweken, zegt Post. Vleeskweken klinkt misschien verdraaid lastig, maar stallen vol boerderijdieren verzorgen en ze op een hygiënische manier slachten is nog veel ingewikkelder. “Het is in feite een standaardrecept dat je uitvoert voor kweekvlees. Daardoor kan iemand best snel zelf vlees leren produceren.” In de verre toekomst kan bijvoorbeeld de eigenaar van de een kweekvleesfabriekje op het terrein zetten, zegt Post. Iemand die zich kundig heeft gemaakt in werken met stamcellen kan zo de hele buurt voorzien van allerlei verschillende soorten kweekvlees. “Vergelijk het met een lokale bierbrouwer. Het kost weinig transport én opslag. Het is denkbaar dat dat gebeurt met kweekvlees.”

mandje eieren waarin er in eentje het eigeel is te zien

Stamcellen bij kippen haal je uit het eigeel. Bron: Haley Hamilton/Unsplash

Kweekvlees zal waarschijnlijk compleet vacuümverpakt en steriel uit de fabriek komen. Ziekmakende bacteriën zoals salmonella worden namelijk weggehouden uit het lab. Thuis zul je kweekvlees dus ook niet hoeven in te vriezen om het goed te houden. En als je goed oplet dat er geen gaatjes in de verpakking komen, gaat het vlees maanden mee. Kweekvlees kookt en bakt precies zoals echt vlees. Plastic eraf en hop!—in de pan.

Creatief met kweekvlees

Maar hoewel kweekvlees erg op gewoon vlees kan lijken, is het ook voor te stellen dat kweekvlees méér wordt dan vlees. “Je kunt veel creatiever met een kweekvleesproduct omgaan.” Post ziet dat het idee nu al aanslaat bij veel koks en kunstenaars, die naar hem toekomen om samen te werken. Je kunt met kweekvlees namelijk al eerder beginnen met koken, terwijl het vlees nog in het laboratorium groeit. “Je kunt de voeding die de stamcellen krijgen al aanpassen. Wat saffraan toevoegen, bijvoorbeeld. Daar kan een kok mee spelen.” In restaurants zou de maaltijd creatieve, bizarre of prachtige vormen aan kunnen nemen. Kijk bijvoorbeeld naar de concepten in het in vitro vleeskookboek van Koert van Mensvoort.

“Voeg aan de stamcellen wat saffraan toe voor de smaak.”

Wanneer eten wij ons eerste kweekvlees?

Zoals gezegd heeft MosaMeat de eerste kweekvleesburger bijna af. De EU moet de burger nog goedkeuren voor consumptie, “maar dat duurt nog wel anderhalf jaar”, zegt Post. Als de accijns meevallen, kan het vlees voor zestig euro per kilo worden verkocht. Daarmee hoopt MosaMeat eerst vooral de (rijke) liefhebbers van te trekken, zoals Koert. Hopelijk brengt dat genoeg geld in het laatje voor nieuwe innovaties, zodat de vleeskweek efficiënter wordt en het kweekvlees goedkoper.

Maar toch, een toekomstvoorspelling blijft een inschatting. Post baseert zijn toekomstbeeld op feiten en ervaring, en waarschijnlijk kun je een voorspelling aan niemand beter vragen dan de uitvinder zelf. Maar de ontwikkeling van de kweekvleesproductie staat nog in de kinderschoenen. Zal de kweekvleeswereld geschapen worden zoals Post hem het liefst ziet? De tijd zal het zeggen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.