Logo Universiteit Utrecht

Science to Be

Plastic vervuiling

De nieuwe Noordpool is van plastic: Hoe zeestromingen ongezien plastic verspreiden en verstoppen

‘Plastic kent geen grenzen’, dit zegt Chloe Dubois van Ocean Legacy in een interview met The Guardian over plastic wat in de zee terecht komt. Alle zeeën en oceanen zijn namelijk aan elkaar verbonden en de meeste rivieren komen er uiteindelijk in uit. Zeestromingen, wind, golven en de draaiing van de aarde creëren hebben allemaal invloed op ronddrijvend plastic, waardoor het overal terecht kan komen. Ook op de Noordpool, waar het zo koud is dat plastic niet vergaat en het vastvriest in het ijs. Als onderzoekers stukken ijs van de Noordpool onderzoeken, vinden ze in elk stuk ijs plastic. En als ze onder de Noordpool kijken, is de bodem vol plastic. Dus wie weet, misschien zijn alle ijsbergen van toekomst daardoor alleen nog maar bevroren plastic.

Als je een plastic fles weggooit, waar komt hij dan terecht? ‘In de prullenbak’, zeiden mijn neefjes van 14 toen ik ze dit vroeg. Maar wat als dat flesje in een rivier beland? ‘Dan komt het in de zee of de Atlantische oceaan. Daar blijft het heel lang drijven, breekt het heel langzaam af of eet een zeedier het op’, zeiden ze daarop.  Zelf heb ik dit ook geleerd. Maar is dit altijd wel zo? De zee en de oceaan zijn namelijk erg groot, samen zo’n 72% van het oppervlak van de aarde. We kennen allemaal de beelden van grote plastic eilanden die rondrijven in de zee. Hier komt veel plastic terecht, door zeestromingen die hier als een soort draaikolk rond en rondgaan. Daardoor kan het plastic niet kan ontsnappen en stapelt het op. Maar soms maakt zo’n flesje een veel grotere reis. Steeds meer laat onderzoek zien dat ronddrijvend plastic zoals een flesje in ijs of diep onderwater verstopt zit doordat zeestromingen het daarheen brengen.

De stromingen die een plastic fles meenemen, verspreiden zich over alle zeeën en oceanen. Ze kunnen drijvend plastic praktisch overal mee naar toenemen.  Als je hier in de zomer op het strand staat en je colaflesje zo je hand uit waait, direct de zee in, dan zie je hem langzaam wegdrijven.  Op dit moment wordt hij het meest aangedreven door de eb of vloed van het strand. En door de wind en golven. Deze maken stromingen in het water waardoor het flesje steeds verder wegdrijft. Als hij ver genoeg van het strand is, hebben eb en vloed niet zo veel effect meer. Maar andere, grotere stromingen nemen nu het werk over. Deze stromen ontstaan bijvoorbeeld door de wind of het draaien van de aarde. Het zijn er veel en ze trekken en duwen allemaal aan je flesje.

Na weken of zelfs maanden in de brandende zon in de stroming te hebben gedreven, heeft het etiket het begeven. Plastic kan in kleinere stukjes breken en dit is erg afhankelijk van de temperatuur: Hoe warmer en hoe meer, hoe sneller het afbreekt. Het etiket, beschadigd door de zon, laat los van de fles. Het blijft drijven in dezelfde stroming. Hoe verder de reis van deze stukken plastic, hoe langer ze in de zon drijven. Ze verliezen allemaal kleine deeltjes van zichzelf, maar vallen niet verder uit elkaar. Dat soort hele kleine stukjes plastic noem je ook wel microplastics en voorlopig drijven ze lekker met de fles mee.

Op een van deze stromingen drijft onze colafles nu langzaam richting het noorden. Het flesje heeft de grote cirkelbeweging van stromingen waar het meeste plastic in terecht komt gemist en wordt geen deel van een plastic eiland in de “plastic soep”. Dit flesje wordt meegevoerd richting de Noordpool. Het water rondom de fles koelt af en wordt daardoor ook steeds zwaarder. Het begint langzaam te zinken onder het nog warmere water dat door de stroming aangevoerd blijft worden. De stroming gaat nu naar beneden. Sommige stukken plastic blijven drijven en komen in het ijs terecht. Het koude, zinkende water trekt andere dingen die meedrijven in de stroming naar onder, inclusief onze colafles.

Onderweg is de plastic fles langzaam onderdelen verloren: eerst zijn etiket en later allemaal kleine stukjes microplastic. En die zijn net als de fles afgedaald met de koude stroming. Als die stroming bij de bodem van de zee komt, is het water op z’n koudst en zwaarst. De fles en de kleine deeltjes worden tegen de zeebodem geduwd. De fles stuitert en blijft er tegenaan liggen, of haakt ergens achter. De stukjes microplastic passen echter tussen de zandkorrels door en gaan in het zand zitten. Doordat de stroming hiernaar beneden blijft gaan, kunnen ze hier lang vast blijven zitten. De fles zelf vergaat niet meer, vast op de bodem van oceaan. Ook de stukjes microplastic in het zand vergaan niet verder. De zon komt hier niet en het is niet warm genoeg voor het plastic om verder te vergaan. Opgeruimd staat netjes, toch?

Een stroming die naar beneden gaat en ook daarna doorstroomt, komt ook weer een keer omhoog. Dat kan doordat er iets in de weg zit of omdat het water langzaam opwarmt. De zeestroom die het etiket heeft meegenomen, stopt daar niet opeens. Dit soort koude stromingen lopen over de zeebodem, totdat ze ergens omhoogkomen. Het etiket van onze fles zit ook in zo’n stroming, net als andere deeltjes microplastic. Die zouden omhoog kunnen komen in bijvoorbeeld de Indische of in de Stille Oceaan. Maar ook bij de Zuidpool. Ondanks dat het daar koud is, stroomt het water omhoog doordat het tegen de pool aanbotst. En wat in die stroming zit, gaat mee omhoog. Zo ook het etiket, microplastics en veel ander plastic. Het plastic drijft hier weer ergens anders heen, valt verder uit elkaar of vriest vast in het ijs. Zo kan een flesje zich verspreiden over alle zeeën en oceanen, en zich jaren verstopt houden onder het water of in het ijs.

Een krab die in aangespoeld plastic is gaan wonen. (Foto: Shawn Miller, 2014)

Maar is plastic wel opgeruimd als het vastzit op de bodem van de zee? Of als het vastgevroren is in ijs op de Noord- of Zuidpool? Kleine stukjes plastic kunnen weer loskomen en ook onze fles kan weer verder meegenomen worden. Ze vergaan niet dus ze blijven daar. Misschien gaat er wel tijdelijk een krab in wonen. Het plastic is dus niet weg, maar slechts verstopt. En als het bij de Zuidpool weer bovenkomt of in het noorden niet snel genoeg zinkt, vriest het vast in het ijs. Als het ijs van de Noordpool is gesmolten, is het enige wit daar dan nog het plastic wat erbij in zat?
En wat is er gebeurt met het etiket? Die drijft verder rond, ergens in zee. Daar breekt het heel langzaam af of eet een zeedier het op, zoals mijn neefjes hadden voorspeld. Want plastic kent geen grenzen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.